Ik geloof dat iedereen op de ene of de andere manier naar waarheid verlangt. Mijn manier is mijn werk. De fijne vloeibare lijnen in mijn tekeningen reiken zo ver als mijn geest en laten me toe dieper tot mezelf door te dringen. Ik werk op intuïtieve wijze en de geordendheid en systematische aanpak van mijn tekeningen komen voort uit observatie en voorzichtige uitvoering. Toch probeer ik rechtstreekse referenties naar de fenomenologische wereld, zoals de hemel, de maan of de zon, te mijden, omdat mijn werk meer te maken heeft met de onzichtbare eerder dan de zichtbare werkelijkheid.
Ik voel me verwant met Kandinsky. Wij ontmoeten elkaar in onze behoefte de innerlijke wereld uit te drukken door middel van abstracte vorm en kleur en de materiele wereld te transcenderen. Mijn materialen, de pennen die ik gebruik om te tekenen, de grote verscheidenheid aan gekleurde en gemende inkten, vlak, transparant of ondoorzichtig, en het gevlekte en gepolijste papier zijn mijn gidsen in mijn zoektocht naar het absolute. Goethe zei dat, "...het grootste probleem van elke kunstvorm is in verschijning de illusie van een hogere werkelijkheid op te wekken." Dit is mijn constante uitdaging.