De dom (m) 1 kathedraal (mv domkerken) 2 Portugese eretitel (mv doms) 3 titel van een benedictijner monnik (mv doms) 4 koepelvormige opbouw van een stoomketel (mv dommen; dommetje)
dom (bijvoeglijk naamwoord; dommer, domst; domheid) 1 beperkt van verstand 2 min of meer toevallig
De -dom1 (dem) 1 toestand die het eerste lid noemt
-dom2 (het) 1 grondgebied dat bestuurd wordt door de genoemde persoon 2 het geheel van alle individuen die het eerste lid noemt
Dom kan verwijzen naar: . De eigen kerk van een bisschop (uit het Latijn: domus = huis); de kerk van een bisschop wordt meestal kathedraal genoemd. . Titel van een priester in een oude kloosterorde, o.a. bij de Benedictijnen (uit het Latijn: dominus = heer). . zwakbegaafdheid. . Dom, als andere naam voor een koepel (uit het Italiaans: duomo = koepel)
. De Dom is ook een naam van de hoogste berg, die geheel in Zwitserland ligt. . de ISO-landcode van de Dominicaanse Republiek.
DOM kan verwijzen naar: . Deo optimo et maximo . Document Object Model . 2,5-Dimethoxy-4-methylamphetamine