Volgens een middeleeuwse opvatting zijn deze wezens ingedeeld in negen koren: Serafijnen, Cherubijnen, Tronen, Heerschappijen, Vorstendommen, Machten, Krachten, Aartsengelen en Engelen.
Pseudo-Dionysius De indeling in negen ordes is afkomstig van Pseudo-Dionysius, een onbekende christelijke en neoplatoonse theoloog uit de vijfde eeuw, die zich voordoet als Dionysius de Areopagiet, een tijdgenoot en bekende van de apostel Paulus. Eeuwenlang verkeerden theologen in de waan dat ze met een authentiek geschrift uit de apostolische tijd van doen hadden. Vandaar dat hij veel invloed heeft gehad op de christelijke theologie en daarmee ook op de engelenleer.
Drie maal drie Volgens Pseudo-Dionysius bekleden de Serafijnen, Cherubijnen en Tronen de eerste rang; de Heerschappijen, Vorstendommen, Machten de tweede; De Krachten, de Aartsengelen en de Engelen behoren tot de derde rang. Thomas van Aquino (1225-1274) nam deze rangorde over.
Kolossenzenbrief In de Bijbel vinden we nagenoeg geen informatie over de engelenrangen. De bijbelse bron van Pseudo-Dionysius’ hemelse hiërarchie is onder meer de Kolossenzenbrief, waarin sprake is van ‘tronen, heerschappijen, vorstendommen, machten’. De auteur van de Kolossenzenbrief heeft deze groepen ontleend aan de joodse engelenleer van zijn tijd.