(de geestelijkheid (v.)) => gezamenlijke geestelijken van een land of een kerk => clergé, (de clerus (m.)) (de geestelijke (m.), ~n) => iemand die een wijding heeft ontvangen en daarmee de macht heeft gekregen om godsdienstonderricht te geven en/of bepaalde gewijde handelingen te verrichten en/of religieuze bestuursfuncties uit te oefenen. == (de clericus (m.), -ci) => eerwaarde
(de eerwaarde (m.)) => [form.] predicaat voor een kloosterling => geestelijke (de Eerwaarde (m.)) => aanspreektitel van een pastoor of predikant
Katholicisme: De katholieke geestelijken worden ook clerici genoemd (enkelvoud: clericus) en de geestelijkheid clerus. Het betreft allen die tot diaken, priester of bisschopzijngewijd, dus ook de kardinalen en de paus. De clerus omvat zowel de reguliere als de seculiere geestelijkheid.
Protestantisme: Dominee of predikant. Daarnaast worden de ouderling en de diaken (Anders dan de katholieke diaken) soms tot de geestelijkheid gerekend. Dit hangt samen met de ambtsopvatting in de protestantsekerken.