Theologie betekent letterlijk godsleer. 'Theos' is Grieks voor 'God'; 'logos' is 'leer,' 'kennis' of 'verhandeling'. De term theologie is afkomstig uit de christelijke traditie en wordt daarom overwegend gebruikt voor de (studie van de) geloofsinhoud van het christendom. De theologie bestudeert de bronnen van het geloof (bijbelse theologie, historische theologie, de systematische analyse van het geloof (systematische theologie) en de geloofspraktijk (praktische theologie)). Tot de theologie behoort daarom ook de bredere studie van alle godsdienstige of religieuze onderwerpen.
De moderne westerse academische theologie gaat niet uit van het axioma dat er een God is. De vraag naar het wel of niet bestaan van God, de zogenoemde waarheidsvraag, wordt overigens wel degelijk gesteld en komt met name aan de orde binnen de de godsdienstfilosofie. De godsdienstfilosofie gebruikt als bron de rede en de ervaring, terwijl theologie daarnaast ook religieuze bronnen bestudeert, zoals de Bijbel, de Koran en de traditie, om te zien hoe deze bronnen in het verleden het religieuze leven hebben bepaald en hoe zij van betekenis kunnenzijn in het heden.
Vanuit de exacte wetenschappen en vanuit de filosofie wordt de vraag gesteld of de theologie een wetenschap is. De moderne westerse academische theologie beschouwt zich als wetenschap die leer en praktijk van het geloof op redelijke wijze probeert te doordenken. Bij die reflectie maakt de theologie gebruik van zowel haar eigen lange traditie als van de diverse disciplines die zich in de loop van de eeuwen zowel uit haar hebben ontwikkeld als anderszins tot zelfstandigheid zijn gekomen. Te denken valt hierbij onder meer aan de geschiedwetenschap, linguïstiek, psychologie, biologie, etc..
Algemene disciplines De systematische theologie: dogmatiek, ethiek. Doordenking van geloofsinhouden, zoals in de dogmatiek de godsleer, de Christologie, de pneumatologie en de kritische doordenking van vragen rond goed en kwaad, de ethiek.
Onder de loci van de dogmatiek kunnen onder meer de volgende gebieden worden gerekend: Theodiceeën: pogingen om het bestaan van al het kwaad en lijden in de wereld te verzoenen met de veronderstelling dat God almachtig, alwetend en al-goed is. Eschatologie: letterlijk de studie van de laatste (uiterste) dingen. Dit bestrijkt onderwerpen als het leven na de dood, reïncarnatie, het einde van de geschiedenis en van de wereld, de (tweede) komst van de Messias, het laatste oordeel, een nieuwe wereld, enzovoort. Antropologie: de studie van de mens. Biblistiek: ontstaansgeschiedenis van de Bijbel, religieuze en maatschappelijke context en specifieke kenmerken van de verschillende Bijbelboeken, de grondtalen (Hebreeuws, Aramees en Koinē-Grieks) en de talen en culturen die daar omheen een rol hebben gespeeld, enzovoort. Bijbelse theologie: de betekenis van het begrip inspiratie, (on)feilbaarheid, flexibiliteit, theologische implicaties van de vorming van de canon van de Bijbel, enzovoort. Gnoseologie: epistemologie, kennistheorie Dogmatiek: de reflectie op geloofsinhouden. Te denken valt aan verschillende loci, zoals: Christologie: studie van Christus, de relatie tussen het goddelijke en het menselijke in Christus (de twee-naturenleer). Soteriologie: studie van zonde, zonden en verzoening Pneumatologie: studie van de HeiligeGeest Theologische Antropologie: studie van de mens als schepsel Protologie: scheppingsleer
Disciplines die antwoorden op Gods Zelfopenbaring bestuderen Ecclesiologie: studie van de kerk, de christelijke gemeenschap Eschatologie: studie van het doel van de geschiedenis Mariologie: studie van Maria, moeder van Christus Missiologie: studie van missie en zending, Evangelisatie, enz. Sacramentele theologie: studie van de handelingen van Christus in de kerk Verzoeningsleer: studie van de genade- en rechtvaardigingsleer
Subdisciplines Apologetiek: fundamentele theologie, geloofsverdediging, theodicee Godsdienstfilosofie: wijsgerige doordenking van geloofsinhouden, geloven als fenomeen, etcetera Angelologie: studie van engelen, de onzichtbare, geestelijke wereld Demonologie: studie van satan, demonen, kwade geesten Patristiek: studie van theologische werken uit de vroege kerk Patrologie: studie van de kerkvaders Canonistiek: kerkrecht