Biografie Jac. (Jacob) Jongert, een boerenzoon geboren in de Enge Wormer, volgde, in plaats van op de boerderij te gaan werken waar hij niet geschikt voor was, opleidingen aan de kunstnijverheid- en tekenschool “Quellinus” van 1899-1902, de Rijksschool voor Kunstnijverheid in 1902-1903 en vervolgens aan de Rijksacademie te Amsterdam.
Al voor zijn vestiging in Purmerend heeft hij decoratief werk verricht bij Brantjes, gezien een tweetal bekende vazen die zijn initialen dragen. Dit moet uiterlijk in 1904 geweest zijn.
Vanaf 1905 assisteerde Jongert de kunstenaar R.N. Roland Holst (1868-1938) bij diens monumentale schilderingen in het gebouw van de Algemene Nederlandse Diamantbewerkersbond. Het socialisme vormde de inspiratiebron voor de reeks muurschilderingen over de moderne arbeidersbeweging. Roland Holsts echtgenote Henriëtte verzorgde de onderschriften. - (www.onvoltooidverleden.nl)
In 1905 behaalde hij het diploma MO tekenen, waardoor hij les kon gaan geven aan de Stadstekenschool te Purmerend, waar hij woonde van 1905 tot 1918, en twee scholen in Amsterdam.
Jongert begon te experimenteren met allerlei Grafische Technieken; hij sneed of graveerde in hout en linoleum, hij etste en maakte litho's. Het was een kunstvorm die zich leende voor uiteenlopende opdrachten zoals boekbanden, behang- en tapijtontwerpen, ex-librissen en gelegenheidsdrukwerk. Voor de Purmerendse uitgever van onder meer schoolboeken J. Muusses die zich in 1883 te Purmerend had gevestigd ontwierp hij in 1909 vignetten en illustreerde hij boeken. Later illustreerde hij diverse schoolboeken en ontwierp hij verschillende boekbanden. Dit werk zou hij naast zijn reclamegrafiek nog voor verschillende uitgeverijen blijven doen, zoals voor de Theosofische uitgeversmaatschappij, W. Hilarius, Duwaer en Van Ginkel, J.M. Bredee, P. Noordhoff, J. Ploegsma, Nijgh en Van Ditmar en Van Stockum.
In Purmerend raakte hij ook onder meer bevriend met Chris Lanooy, leider van het schildersatelier bij Haga, wijnhandelaar Kassen Oud en uitgever Jacob Muusses. Deze contacten leverden hem naast het lesgeven ook ontwerpwerk op. Voor de glasfabriek Leerdam kreeg hij o.a. drukwerk opgedragen voor het glaswerk van de Bazel. Voor uitgeverij Ploegsma ontwierp Jongert boekbanden en illustraties. Fabrikant W.G. Boelens Senior in Kampen gunde hem de ontwerpopdracht voor etiketten voor sigarenkistjes. Jongert werd zo bekend door zijn grafische ontwerpen voor reclamedrukwerk en niet alleen voor Purmerendse bedrijven.
Achtergrond van Jongerts werk is een voortdurende poging om de kunstdichter bij de mensen te brengen. Door als kunstenaar aan alledaagse gebruiksvoorwerpen een goede vorm en een verantwoord uiterlijk te geven moest de kunst een grotere plaats krijgen in de maatschappij. Bij de ‘sierkunstenaar’ Jongert uitte dit streven zich in zijn decoratieve werk bij de verfraaiing van het stadhuis (glas-in-loodraam) en belangeloos de muurschilderingen ('De Morgen', 'De Avond' en 'De Dag') in het gebouw van de werkmansvereniging 'Vooruit'. Ontwerpen voor 'De Morgen' zijn in het Purmerends museum te bewonderen. In zijn vroege periode maakte Jongert ook nog enig vrij werk, dat op onverbloemde wijze zijn socialistischeideeën weergaf. Samen met zijn echtgenote Catharina Geerke was hij in 1908 lid geworden van de Sociaal Democratische Arbeiderspartij (SDAP). Zij werd tevens voorzitter van de Sociaal Democratische Vrouwenclub die zich inzette voor algemeen kiesrecht. Jongert leidde partijbijeenkomsten en was een gevierd spreker bij 1 mei-vieringen en verkiezingsmanifestaties.
Affiche Gastentoonstelling Amsterdam, motief Helios, datering 1912 De internationale gastentoonstelling vond plaats in het Paleis voor Volksvlijt op 14 september 1912. Voor dit ontwerp ontving Jongert een prijs. De jury bestond uit: De Bazel. Cuypers, Nijhoff, Roland Holst en twee gemeentefunctionarissen. In 1912 verwoordde het als volgt ‘Ik was blijde getroffen door een oproep tot een prijsvraag van de gemeente Amsterdam voor een reclameplaat voor de Gastentoonstelling. Totaal zevenhonderd gulden was daar te verdienen. Natuurlijk was het een prijsvraag waar honderden aan mee zouden doen, maar de jury was modern, dat gaf hoop. [...] Ik deed het zeer ernstig, en begon met in Purmerend de gasfabriek eens te gaan zien’, aldus zijn memoires. Hoewel Jongert de prijs in de wacht sleepte, bleven andere verdiensten nog lang uit. - www.purmerendsmuseum.nl
Vanaf ongeveer 1916 ging Jongert in opdracht van de drankenfirma De Wed. G. Oud Pz. & Co. te Purmerend etiketten en flessen ontwerpen. Deze flessen werden uitgevoerd bij de Vereenigde Glasfabrieken te Schiedam. In 1919 kwam het zelfs tot het ontwerp van de gehele stand van deze firma op de Jaarbeurs in Utrecht. Tafels, stoelen, drukwerk (affiches, folders, etiketten). Jongert gaf hiermee het bedrijf een eigen gezicht: een ‘huisstijl’. Dit was toen in Nederland betrekkelijk nieuw. Voor de Glasfabriek Leerdam verzorgde hij vanaf 1917 drukwerk en advertenties.
Van 1918 tot 1940 was hij hoogleraar decoratieve kunst en kunstnijverheid bij de Academie voor technische wetenschappen en beeldende kunsten in Rotterdam. Hier breekt een geheel nieuwe fase in zijn leven aan. Hij was de leraar o.a. Teun Bakker, Jacob Bosman, Andries Copier en Henri Willem van Meines.
Vanaf 1919 werkt hij voor Van Nelle in Rotterdam waar hij van 1923 tot 1940 de leiding over de reclameafdeling had. Hier maakt hij zijn befaamde ontwerpen voor de verpakking van thee, koffie en tabak. De vormgeving was strak: letters en krachtige kleuren speelden in zijn werk een hoofdrol. Een bekend voorbeeld van zijn Van Nelle werk is het roodgele koffie en theeblik, waarvan hetzelfde uiterlijk in emaillen reclameborden is terug te vinden. Aan het einde van de 20e eeuw maakt Van Nelle er weer gebruik van. (zie ook www.nrc.nl)
Jongert's stijl werd onder invloed van de opdrachtgevers en door de eisen van de reclame steeds strakker. Toch bleef Jongert's werk zijn eigen ornamentele karakter behouden.
Eind twintiger jaren ontwerpt Jongert een 50 gulden biljet - de “Minerva” - voor de Nederlandse Bank waarvan 3.800.000 exemplaren zijn gedrukt. Een ontwerp voor een 1000 gulden biljet is nooit uitgevoerd.
In 1940 verwoest het bombardement op Rotterdam zijn atelier.