Parijs 1923 - 1925 In Parijs ontmoette hij Piet Mondriaan en Theo van Doesburg, waarop hij als jongste lid in 1924 tot de beweging De Stijl toetrad. Hij distantieerde zich al snel van de voorschriften van het neoplasticisme en ging over op een vormtaal die zich uitdrukte in driedimensionale reliëfs.
Amsterdam 1925 - 1926
Van 1927 tot 1933 werkte hij in Berlijn. Daar schiep hij zijn Neoplastische reliefs.
In de jaren dertig experimenteert hij met fotocollages voor commercieel gebruik in advertenties.
Vanaf 1933 woonde hij in Parijs, waar hij zich toelegde op het vervaardigen van polychrome reliefs, waarbij voor hem de diagonaal een belangrijke rol speelt. Hij werd lid van de groep Cercle et Carre en later ook van de groep Abstraction-Creation. Samen met Hans Arp en Sophie Tauber-Arp richtte hij in 1937 het tijdschrift Plastique op.
Zijn werk heeft succes en in 1936 is hij vertegenwoordigd op de expositie Cubism and Abstract Art in het Museum of Modern Art in New York.
Het Gemeentemuseum Den Haag koopt reeds in 1960 werk van hem aan en organiseert in datzelfde jaar een retrospectief. Twintig jaar later vindt daar ook een grote overzichtstentoonstelling plaats.
Vragen en antwoorden
Niet de informatie gevonden waar u naar zocht? Stel uw vraag aan Kunstbus en wij en/of bezoekers van deze website zullen proberen u verder te helpen!