In 1910 schilderde hij in Florence Het raadsel van het orakel en Het raadsel van een herfstavond: gefantaseerde stadsgezichten, opvallend door een beklemmende verlatenheid.
Voor het maken van voorstudies gaat hij experimenteren met fresco en tempera technieken, eerst kopieerde hij werk van Bocklin en Nicolas
Tussen 1911 en 1915 woonde De Chirico in Parijs en schilderde raadselachtige straten, pleinen, standbeelden, mythologische thema's en ledenpoppen met ongeprofileerde gezichten; deze werken oefenden onmiskenbaar invloed uit op de surrealistenDalí, Magritte, Max Ernst en Delvaux.
Hij zette zich na 1917 steeds meer af tegen de heersende avant-garde door op academische wijze te gaan schilderen. Hij verzette zich fel tegen iedere waardering van zijn vroegere werk. Zijn latere werk werd echter lange tijd ongeïnspireerd gevonden.
De Chirico publiceerde in 1928 het boek Hebdomeros, een mengeling van autobiografischeelementen, visioenen en dromen; voorts schreef hij Autobiografia 1918-1925 (1944) en Memorie della mia vita (1945).
Objecten kregen bij Giorgio de Chirico een poëtische betekenis. Groot voorbeeld voor veel surrealisten (Magritte, Max Ernst, Tanguy), en door Andre Breton bestempeld als een van de eerste surrealisten. Bij zijn metafysische landschappen en arcades is er beslist wat vreemds aan de hand, maar je kan als kijker niet onmiddelijk aantonen wat in het schilderij die vreemde stemming teweeg brengt.
Giorgio de Chirico overleed op 20 november 1978 te Rome.
Vragen en antwoorden
Niet de informatie gevonden waar u naar zocht? Stel uw vraag aan Kunstbus en wij en/of bezoekers van deze website zullen proberen u verder te helpen!