Biografie Gustave Singier bracht zijn jeugd door in het door Duitsland bezette België. In 1919 verhuist hij naar Parijs en vanaf zijn veertiende jaar begint Singier te schilderen. Hij studeert 3 jaar aan de École Boulle. Hij schildert veel naar de natuur en maakt kopieën van oude meesters. Daarna werkt hij tot 1936 als interieurarchitect en meubeldesigner, installaties van winkels en appartementen. Tegelijkertijd ontwerpt en schildert hij.
In 1941 sluit hij zich aan bij een groep jonge kunstenaars, die hun werk tentoonstellen op de expositie 'Vingt Peintres de tradition française' (twintig kunstenaars van de Franse traditie) in de BraunGalerie.
In 1943 is Gustave Singier een van de oprichters van de Salon de Mai, samen met de kunstcriticus Gaston Diehl en de schilders, beeldhouwers en graveurs Henri-Georges Adam, Emmanuel Auricoste, Lucien Coutaud, Robert Couturier, Jacques Despierre (die voorstelde de salon te vernoemen naar de maand waarin de eerste vergaderingen werden gehouden), Marcel Gili, Léon Gischia, Francis Gruber, Jean Le Moal, Alfred Manessier, André Marchand, Edouard Pignon, Claude Venard en Roger Vieillard.
Net als andere schilders van zijn generatie, ontdekt Singier, Kandinsky, Klee en Mondriaan; deze nieuwe weg is de bepalende factor in zijn bevrijding van de beeldende vorm. Zijn werk scheidt zich van dat van Manessier wanneer hij zijn eigen persoonlijke kwaliteiten vindt.
In 1946 heeft hij een gezamenlijke tentoonstelling met Le Moal en Manessier in galerie Drouin in Parijs. Singier maakt zijn eerste tapijtontwerpen. Hij is in 1947 genaturaliseerd tot Fransman.
In 1949 heeft hij zijn eerste solotentoonstelling in Galerie Billiet-Caputo in Parijs.
Van 1951-54 doceert Singier aan de Académie Ranson. In 1955 en 1959 neemt Singier deel aan Documenta 1 en 2 te Kassel.
In 1957 heeft hij een solotentoonstelling in de Kestner-Gesellschaft te Hannover.