In 1967 verliet hij de Verenigde Staten en vestigde zich in Groot-Brittannië, waar Dine doceert aan het College for Architecture, Ithaca, en in Londen woont om de Britse Poptical-art te verkennen waar hij meer verwantschap mee voelde dan de Amerikaanse versie.
Jim Dine neemt deel aan de Documenta 4 en 7 in Kassel in '68 en '77.
Veelal voegde Jim Dine zaken toe aan zijn schilderijen, die voortkwamen uit een gereedschapswinkel. Het verhaal gaat, dat hij hiervoor 'winkelde' in de ijzerwarenhandel van zijn opa.
Jim Dine ontwikkelde een zeer persoonlijke stijl, waarin een duidelijke voorkeur voor dada en surrealisme blijkt.
De poptical-art werkte Dine uit op een eigen manier die dicht bij de actionpainting komt en waarbij hij als speciale techniek de assemblage van objecten in zijn werk gebruikt. Die objecten zijn niet bijeengebracht om een bepaalde plastische of symbolische betekenis te geven, maar om het werk als een reële toevallige aanwezigheid te presenteren.