De op-art ligt aan de basis van de poging om het kunstwerk volgens strenge regels 'wetenschappelijk' te construeren. Geometrische vormconstructies, optisch bedrog en bewegingseffecten alsook de creatie van plastisch werkende beeldruimten behoren tot de exemplarische varianten van de op-art.
Stroming in de moderne beeldende kunst die een maximaal effect beoogt te bewerkstelligen van het object (of elementen daarvan) op het oog, door beweging of ‘werking’ van de gepresenteerde elementen (kleuren, volumes, lijnen) te suggereren. De eerste tentoonstelling van op art vond plaats in het Museum of Modern Art te New York in 1965, onder de typerende titel The responsive eye. Op art is nauw verwant met kinetische kunst, maar onderscheidt zich daarvan doordat de beweging niet werkelijk in het object plaatsheeft, doch slechts ‘voor het oog’. Men kan de op artwerken verdelen in twee grote groepen: die waarbij de beweging – bijv. door samenspel van lijnen, door groepering van kleurvlakken – binnen het bewegingloze object wordt gesuggereerd en die waarbij de verplaatsing van de beschouwer het beoogde effect oplevert. Grote invloed op de ontwikkeling van op art hadden Josef Albers en Victor Vasarely. De op art-kunstenaars in de jaren zestig werkten veelal in groepen, zoals de Groupe de Recherche d'Art Visuel, Nouvelle Tendance, Gruppo N, Gruppo T en Equipo '57. Bekende op art-kunstenaars zijnYaacov Agam, Hugo Demarco, Julio Le Parc, François Morellet, Bridget Riley, Jesus Rafael Soto en Yvaral. (Encarta 2001)