De toneelstukken van George Bernard Shaw, wiens socialistische sympathieën zijn voorkeur voor sociale probleemdrama's a la Ibsen verklaart, behandelen met name politieke en sociale problemen met een voortreffelijke retoriek en schitterende paradoxen; ze zijn echter niet altijd vrij van lompe effecten op het toneel. Veel van zijn sociaal-kritische drama's en komedies, waarin op satirische wijze de maatschappij wordt belicht en hij zich tegen religieuze intolerantie en maatschappelijke huichelarij keert, zijn zeer aan de tijd gebonden waarin ze geschreven werden. Toch is Shaw onbewust dé grote vernieuwer van het Engelse theater geworden.
Shaw keert alle geloven over onoverbrugbare verschillen tussen verschillende sociale klassen ondersteboven in Pygmalion waarin een meisje uit de laagste stand is veranderd in een society dame bij wijze van experiment.
De belangrijkste van al zijn toneelstukken is ongetwijfeld Saint Joan (1924) (De heilige Johanna). Hier is Shaw romantischer en poëtischer dan in al zijn andere toneelstukken.
In 1925 ontving George Bernard Shaw de nobelprijs. Hij weigerde de bijbehorende geldprijs en verzocht deze te gebruiken voor de financiering van de vertaling van Zweedse boeken naar het Engels.
Hij stierf op 2 november 1950.
Andere toneelstukken: - 'Man and Superman' - 'Caesar and Cleopatra' - 'Back to Methuselah' - 'Mrs. Warren's Profession' - 'Candida' - 'Captain Brassbound's Conversion' - 'Major Barbara' - 'The doctor's dilemma' - 'Androcles and the Lion' - 'The Apple Cart'